Voor 4 personen · tik aan wat je al klaar hebt staan
Tik op een stap als je hem gedaan hebt
- 1
Kook de rijst.
- 2
Snijd 1 komkommer in dunne reepjes, snijd 1 rode peper in dunne ringetjes, en snijd 3 bosuien heel fijn.
- 3
Meng in een kommetje 3 el azijn, 2 el suiker en een snuf zout tot de suiker volledig is opgelost, voeg de komkommer en rode peper toe, schep goed om en zet apart in de koelkast.
- 4
Meng in een grote kom 300g rundergehakt met 100g heel fijngehakte spitskool, de helft van de bosui, 2 tl knoflook, 1 el sojasaus, 1 el sesamolie, 1 tl maizena, beetje peper tot een stevige vulling.
- 5
Maak de randen van de wontonvellen nat, vul ze met een schepje vulling in het midden, duw met een lepeltje de wonton door je hand en knijp dicht. Herhaal dit tot de vulling op is.
- 6
Meng in een klein pannetje 3 el lichte sojasaus, 2 el honing, 1 el chili-olie, 1 el rijstazijn en 1 tl knoflook.
- 7
Verwarm dit sausmengsel kort op laag vuur tot de honing volledig is opgelost en de saus licht stroperig wordt, en roer er 1 tl geroosterde sesamzaadjes doorheen.
- 8
Breng een grote pan met ruim water aan de kook, laat de wontons er voorzichtig in zakken en kook ze in 4 tot 5 minuten gaar tot ze bovendrijven.
- 9
Schep de wontons met een schuimspaan uit de pan en laat ze kort uitlekken.
- 10
Schep de warme rijst aan één kant van diepe borden, leg de wontons ernaast, schep de frisse zoetzure komkommer aan de andere kant, giet de warme pittige zoete saus rijkelijk over de wontons én een beetje over de rijst, en strooi de rest van de bosui eroverheen.